Onze advisering is gebaseerd op twee verschillende invalshoeken:
1. Migratie of uitbreiding van bestaande procesautomatiseringssystemen.
2. Advisering rondom het inrichten/aankopen van nieuwe automatiseringsoplossingen.
1Migratie of uitbreiding van bestaande procesautomatiseringssystemen.
Middels een audit van lopende of gerealiseerde projecten c.q. reeds aanwezige automatiseringsoplossingen, gericht op het achterhalen van de “lessons learned”.
Te beantwoorden kernvragen zijn daarbij:
“Wat hebben we gevraagd?”
“Wat hebben we gekregen?”
“Waar staan we nu?”
“Wat ging er goed en minder goed?”
“Welke maatregelen moeten we nemen voor toekomstige uitbreidingen?”
De wijze van aanbesteden en verloop van de projecten wordt onderzocht aan de hand van de door de klant opgestelde documentatie, reacties van de klant (deels afgenomen middels interviews), reacties van de leverancier en de gerealiseerde resultaten (qua functionaliteit, planning, wijze van projectuitvoer en budget). Als leidraad is de projectstandaard GAMP gebruikt (Good Automated Manufacturing Practices). Deze standaard richt zich primair op automatiseringsprojecten en met name op de afstemming tussen gebruikerseisen en de geleverde oplossing, voor zowel operationele eisen (inclusief beleid), functionele eisen en technische eisen (daarmee rekening houdend met de huidige omgeving en bijbehorende migratieproblematiek). Deze standaard moet niet zonder meer worden toegepast, het moet primair worden ingezet als een “fit-for-purpose” richtlijn voor projectuitvoer, daarmee meer als checklist dan als een rigide handleiding. Dit impliceert dat er per projecttype moet worden bekeken welke GAMP-aanbevelingen in welke mate moeten worden opgevolgd.
Het is bij dit traject noodzakelijk om inhoudelijk het volgende te onderzoeken:
-
Het aanbestedingsproces en de voorbereidingsfase (Bestek/Plan van Aanpak/Pakket van Eisen):
- Vastleggen uitgangspunten / automatiseringsbeleid
- Beoogde (project-)doelstellingen
- Standaardisatie / opvolging
- Selectieproces (techniek/organisatie/kwaliteit/prijs) gericht op “Total Cost of Ownership”.
- Vastlegging opvolging scope / Table of Compliance
- Taken en verantwoordelijkheden en vastlegging
-
Tijdens de projectuitvoeringsfase:
- Wijze van projectuitvoering
- Specificeren van de gewenste/benodigde functionaliteit
- Prototyping vastleggen en afnemen (FAT/SAT protocol; wijze van testen)
- Structuur en configuratiebeheer (QA)
- Project management
Gamp V-model
2Advisering rondom het inrichten/aankopen van nieuwe automatiseringsoplossingen.
Hetgeen betekent dat vaak in dit kader oplossingen voor koppelingen met administratieve systemen (bijvoorbeeld document handling t.b.v douane-aangiftes en facturatie), inrichting van de MES-laag (ter voorbereiding en afronding van opdrachten, inclusief planning en scheduling), procesbediening (HMI deel binnen DCS of SCADA), procesbesturingen, procesveiligheid (ESD/SIS) en interfacing naar het veld inclusief kastenbouw en interfacing naar packaged units, in zijn geheel worden bekeken.
Het is hierbij noodzakelijk om de operationele gebruikerseisen ten alle tijden leidend te laten zijn. Techniek is belangrijk, maar wordt door LC alleen gezien als een realisatievorm, niet als een doel op zich. Dit betekent dat LC deze advisering baseert op een aantal pijlers, die in een vaste volgorde moeten worden afgehandeld:
- Specificatie van de Operationele (eindgebruikers-)eisen:
Hierin wordt het operationele eisenpakket van de klant opgesteld, hetgeen in hoofdlijnen neerkomt op de huidige en gewenste wijze van opereren, rekening houdend met de bestaande operationele infrastructuur. Inhoudelijke terugkoppeling naar bestaande automatiseringsoplossingen (techniek) wordt in deze fase nadrukkelijk uitgesloten.
- Specificatie van de (generieke) functionele en technische eisen (URS):
Hierin wordt het generieke eisenpakket van de klant opgesteld, hetgeen in hoofdlijnen neerkomt op de wijze van oplevering en algemene technische en kwalitatieve eisen. Denk daarbij aan de gangbare standaarden zoals IEC61131/3, IEC61508 en 61511, (C)HAZOP en SIL-classificaties, etc).
Namens de klant zullen we waar mogelijk verwijzen naar relevante gebruikte standaarden, welke door ons voorafgaand zijn gescreend op toepasbaarheid en actualiteit. De URS geeft geen omschrijving over de wijze waarop functionaliteit geïmplementeerd moet worden, afgezien van de algemene kwalitatieve eisen die zijn vastgelegd in overige standaarden. Wijze van implementatie en de vertaalslag om daartoe te komen blijft daarmee de verantwoording van de te kiezen leverancier.
- Specificatie van de (generieke) eisen m.b.t. Projectaanpak:
Hier komt de eerder aangehaalde GAMP-aanpak als kapstok weer naar voren. Focus ligt primair op hoe de klantwensen moeten worden vastgelegd, hoe de afname tegenover deze vastgelegde klanteisen gaat plaatsvinden (voor zowel interne test, FAT, SAT en operationele test) en hoe de samenwerking tussen eindklant, leverancier van de automatiseringsoplossing en de EPC-contractor/E&I-installateur gaat plaatsvinden. Afbakening van taken en verantwoordelijkheden voor de drie hoofdpartijen wordt hierbij tot in detail vastgelegd.
- Specifieke projecteisen:
Hierin komt wel de bestaande automatiseringsoplossing (indien aanwezig) naar voren, evenals koppelingen met bestaande systemen (bijvoorbeels “packaged units”) in het veld als ook systemen binnen de administratieve omgeving. Denk verder aan installatiegrootte, toepassing van hardware “typicals” voor aansluiting op de bestaande installatie, inkoopeisen, offerte-eisen zoals wijze van aanbieden, prijstabellen (m.b.t. aanschaf en onderhoud van de installatie), Table Of Compliancy, projectorganisatie voor de realisatie, etc.etc.
LC beschikt over een grote ervaring met dit soort studies en kan dan ook putten uit een heel arsenaal aan documenten t.b.v. deze pijlers. Groot voordeel is daarmee dat de klant niet zelf vanaf “scratch” informatie hoeft aan te dragen, maar meteen kan reageren op de door LC aangedragen op maat geselecteerde documenten. Hulpmiddelen zoals standaard op maat gemaakte vragenlijsten voor de disciplines engineering, onderhoud, management en operations is dan vaak een eerste startpunt.